Veelgestelde vragen - Toelatingstoetsen en toetsen in het eerste jaar van inschrijving op de pabo

Veelgestelde vragen – Toelatingstoetsen en toetsen in het eerste jaar van inschrijving op de pabo

Iedereen die geen vwo- of hbo-diploma heeft (een AD diploma geeft ook geen vrijstelling), moet aantonen genoeg kennis te hebben van aardrijkskunde, geschiedenis en natuur&techniek. Je hebt genoeg kennis van een vakgebied als je:

  • je havodiploma hebt én havo-eindexamen hebt gedaan in dat vakgebied (voor natuur en techniek voldoet één van de vakken natuurkunde, biologie of Natuur, Leven en Technologie);
  • je havodiploma niet hebt gehaald, maar dat vakgebied wel met een voldoende hebt afgerond;
  • een vavo-certificaat havo hebt voor dat vakgebied;
  • de toelatingstoets voor dat vakgebied hebt gehaald.

Je moet voor alle drie de vakgebieden aantonen dat je voldoet aan de extra toelatingseisen. Anders mag je niet naar de pabo. In de praktijk betekent dit dat mbo-studenten toetsen moeten maken voor drie vakken, havoleerlingen meestal voor één of twee.

Let op: je hebt hoe dan ook een afgerond havo-diploma, mbo4-diploma, bachelorgraad of mastergraad (of 21+toets) nodig om te mogen beginnen met een hbo-opleiding. Daarnaast moet je aan de strengere toelatingseisen voor de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en/of natuur en techniek voldoen.

Je hebt voor instroom in de pabo in studiejaar 2022-2023 twee kansen per vak om de toelatingstoetsen voor de poort te maken. Vanaf de instroom in de pabo in studiejaar 2023-2024 heb je één kans per vak om de toelatingstoetsen voor de poort te maken. Je moet gebruik maken van (ten minste) één toetskans voor de poort van de pabo.

Dat kan zeker. Je kunt deze toelatingstoetsen voor de start van de pabo halen. Daarmee laat je zien aan de extra toelatingseisen voor dat vak te voldoen. Je bent dan vrijgesteld van de verdere toetsing voor dat vak in het eerste jaar van de pabo.

Dat klopt, je moet (ten minste) van één toetskans per vak voor de poort van de pabo gebruik maken. De terugkoppeling van je score (gehaald of niet gehaald) van deze toelatingstoets(en) kun je gebruiken als bewijsmateriaal. De studentadministraties van de pabo zullen hierom vragen voor het op orde brengen van jouw dossier.

Dag klopt inderdaad. Je moet voor elk vak waar je nog toetsen voor moet maken, voor de poort (ten minste) één toetskans benutten. Zodat je per vak weet in hoeverre je de stof al beheerst, zodat de pabo hier het ondersteuningsaanbod op af kan stemmen.

Als je slaagt voor een van de toelatingstoetsen voor de start van de pabo, ben je vrijgesteld van verdere toetsing voor dat vak in het eerste jaar van inschrijving op de pabo. Als je niet slaagt geeft de uitslag van de toets je informatie over de beheersing van de vereiste kennis van dat vak. De pabo en jij kunnen deze informatie gebruiken om je ondersteuning te bieden ter voorbereiding op de toetsen in het eerste jaar van inschrijving. Daarom moet je (ten minste) één toets voor de poort van de pabo maken.

Nee, aan de toelatingseisen verandert niets. Het blijft belangrijk om de basiskennis van de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en natuur&techniek te beheersen. Het verschil is dat je niet langer voor de poort van de pabo, maar in het eerste jaar van inschrijving aan deze toelatingseisen moet voldoen.

Nee, hier zijn verder geen kosten aan verbonden. Op de website goedvoorbereidnaardepabo.nl staat studiemateriaal dat je kunt gebruiken in de voorbereiding op de toetsen. Sommige studiematerialen zijn gratis, zoals Studio Pabo. Voor andere studiematerialen zul je moeten betalen.

Het volgen van ondersteuning ter voorbereiding op de toetsing in het eerste jaar van inschrijving komt er inderdaad bij, als je één of meerdere toetsen niet haalt. Dit betekent dat je hier in je planning goed rekening mee moet houden. De pabo kan je meer vertellen over de manier waarop deze toetsing en eventuele extra begeleiding wordt georganiseerd en wat je daar als student voor moet doen. Nogmaals, probeer dit te voorkomen door de toets voor de poort te halen!

Elke pabo biedt studenten in elk geval de mogelijkheid om de toelatingstoetsen alsnog in het eerste jaar van inschrijving te halen. Je krijgt hier dan opnieuw twee kansen voor. Er zijn pabo’s die ook de mogelijkheid bieden in het eerste jaar van inschrijving om door middel van een portfolio te voldoen aan de extra toelatingseisen. De pabo’s bieden hier gerichte ondersteuning en begeleiding bij aan. Vraag hiernaar bij de pabo waar je wilt studeren.

Je komt alleen in aanmerking voor toetstijdverlenging voor het maken van de toelatingstoetsen met een dyslexieverklaring. Je boekt dan bij inschrijving voor de toelatingstoetsen de dyslexie-variant. Je krijgt dan 120 minuten in plaats van 90 minuten om een toelatingstoets te maken. Zorg ervoor dat je bij de toetsafname je dyslexieverklaring bij je hebt en ter controle aan de surveillant kunt laten zien.

Nee, als je een voldoende voor één van de vakken hebt gehaald, maar je havo-diploma niet hebt gehaald, hoef je voor dit vak geen toelatingstoets te maken. Vanzelfsprekend moet je dit wel door middel van je cijferlijst aan kunnen tonen.

Let op: hoe dan ook heb je een afgerond havo-diploma, mbo4-diploma, bachelorgraad of mastergraad (of 21+toets) nodig om te beginnen met een hbo-opleiding. Daarnaast moet je aan de strengere toelatingseisen voor de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en/of natuur en techniek voldoen.

Een groot aantal essentiële onderwerpen uit het programma van de toelatingseisen voor de pabo komt niet aan de orde bij het vak ANW (Algemene Natuur Wetenschappen). Het vak ANW biedt onvoldoende dekking van de leerdoelen voor de toelatingstoets voor natuur en techniek. Zo ontbreekt bijvoorbeeld een aantal kernconcepten, namelijk energie, licht en geluid, kracht en beweging.

Het behalen van het havo-diploma met de voor de pabo benodigde vakken (aardrijkskunde, geschiedenis en natuurkunde óf biologie óf NLT) voorziet in directe toelating tot de pabo. Als je examen doet in een extra vak, moet je met je volledige examenpakket -inclusief het extra vak- voldoen aan de slaag-/zakregeling om het mee te laten tellen voor het diploma. Alleen wanneer het extra vak meetelt voor het verkrijgen van een diploma, voldoe je voor dat vak aan de eisen van de pabo. Een volledige uiteenzetting van de slaag/zak-eisen vind je op Rijksoverheid.nl. Als je dit extra vak niet mee laat tellen voor het diploma of in een (of meerdere) vak(ken) geen eindexamen hebt gedaan, dan moet je een toelatingstoets doen voor het betreffende vak voor toelating tot de pabo.

De toelatingstoetsen worden voor de poort van de pabo informerend ingezet en geven je zicht op jouw beheersing van de kennisinhouden van deze vakken. Je mag hoe dan ook beginnen met de pabo en je krijgt dan de mogelijkheid om in het eerste jaar van inschrijving alsnog aan de extra toelatingseisen te voldoen. Het is daarmee niet nodig om al in het vierde jaar van het havo deze informerende toetsen te maken.

Nee, als je inderdaad je propedeuse haalt, is dat niet nodig. In de wet is geregeld dat wanneer je de propedeuse van een opleiding hebt gehaald en diezelfde opleiding aan een andere hogeschool gaat volgen, dat je niet (nogmaals) hoeft te voldoen aan de eisen die gelden voor aanvang van de opleiding.

Ja, want je hebt alleen vrijstelling voor de toetsing van een vak als je een vavocertificaat havo hebt. Je krijgt alleen een vavo-certificaat als je het vak met een voldoende hebt gehaald.

Dat is afhankelijk van welke propedeuse: als je de pabo-propedeuse hebt gehaald voldoe je aan de toelatingseisen. Met een propedeuse van een andere hbo- of wo-opleiding niet. In voorkomende gevallen wordt er dan gekeken naar het eerder behaalde diploma om vast te stellen of je aan de toelatingseisen voldoet.

Ja, dat is nodig. De 21+toets is er op gericht om te bezien of je voldoet aan het niveau om in te stromen in het hoger onderwijs als je geen havo-, vwo- of mbo-diploma hebt. De toelatingseisen voor de pabo komen daar nog boven op. Je moet dus ook aantonen dat je de vereiste kennis van aardrijkskunde, geschiedenis en natuur en techniek hebt om naar de pabo te kunnen gaan.

Dit hangt af van het soort buitenlandse diploma dat je hebt.

  • Een diploma van een school van een van de BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) is een Nederlands diploma. Voor deze diploma’s gelden dezelfde regels als voor Nederlandse diploma’s.
  • Overige diploma’s zijn buitenlandse diploma’s. Dit geldt ook voor diploma’s van scholen van Curaçao, Aruba en Sint Maarten. De pabo waar je wil studeren beoordeelt of het niveau van je diploma vergelijkbaar is met een Nederlands diploma en of de pabo je daarmee toe kan laten. Daarnaast geldt voor de pabo:
    • Als je buitenlandse diploma vergelijkbaar is met een Nederlands vwo-diploma voldoe je aan de toelatingseisen. Je hoeft dan dus geen toetsen meer te maken.
    • Als je buitenlandse diploma vergelijkbaar is met een Nederlands havo- of mbo-diploma, voldoe je niet aan de toelatingseisen voor geschiedenis, aardrijkskunde en natuur en techniek. Ook niet als je deze vakken wel op je diploma hebt staan. Je moet dus altijd voor alle drie de vakken de toetsen maken.
    • Heb je een buitenlands diploma van een school van Curaçao, Aruba en Sint Maarten dat vergelijkbaar is met een Nederlands havodiploma? Dan wordt wel gekeken naar de vakken op je diploma en hoef je alleen de toetsen te maken voor de vakken waarin je geen eindexamen hebt gedaan.

Heb je een buitenlands diploma? Neem dan contact op met de pabo waar je wil gaat studeren.

De LOI (en het NCOI) leidt op voor de officiële staatsexamens HAVO. Deze staatsexamencertificaten voldoen inderdaad aan de toelatingseisen PABO en geven je vrijstelling voor de toetsen.

Let op: je hebt hoe dan ook een afgerond havo-diploma, mbo4-diploma, bachelorgraad of mastergraad (of 21+toets) nodig om te beginnen aan een hbo-opleiding.

Je hebt een havo-diploma met enkele vakken op een hoger niveau (vwo). Voor jou geldt de ‘havo-regel’: je moet voldoen aan de toelatingseisen voor de vakken die geen onderdeel zijn van het examenpakket, in dit geval voor natuur&techniek.

Bij veel vragen kun je de antwoorden niet letterlijk terugvinden in de studiematerialen. Het is namelijk de bedoeling dat je een paar kenniselementen combineert, soms uit verschillende thema’s, kernconcepten of tijdvakken. Veel vragen zijn inzichtvragen. Om deze te beantwoorden moet je stukjes kennis (de basiskennis) gebruiken en zelf nog een paar denkstappen zetten of stukjes kennis combineren.

Nee, je mag geen atlas gebruiken. Je moet wel topografie beheersen want in de vragen van de toelatingstoets wordt topografie gecombineerd met een inhoudelijk thema. Je moet dus weten waar plaatsen, gebieden, rivieren, gebergten etc. liggen om vragen in de toelatingstoets te kunnen beantwoorden. Concreet moet je de zogenoemde ‘basistopografie’ kennen. Dit betekent dat je 100 items in Nederland, 100 items in Europa en 100 in de wereld moet kennen. Cito heeft hiervoor een lijst vastgesteld. Op bijvoorbeeld www.topografieindeklas.nl kun je hiermee oefenen.

Nee, de toelatingstoetsen die de LOI en het NCOI in eigen beheer hebben ontwikkeld zijn niet hetzelfde als de landelijke toelatingstoetsen die de ‘reguliere’ pabo’s aanbieden. De certificaten die de LOI en het NCOI uitreiken bieden alleen toegang tot hun eigen pabo-opleiding. Voor toelating tot een ‘reguliere’ pabo gelden uitsluitend de certificaten van de landelijke toelatingstoetsen.

Nee, O&O geeft geen vrijstelling voor de toelatingstoets natuur en techniek. NLT en O&O zijn verschillende vakken. NLT is vooral kennis- en begripsgericht (een soort ‘combinatievak’ waarin de schoolvakken natuurkunde, scheikunde, biologie zijn geïntegreerd en uitgebreid met extra lesstof), terwijl O&O meer toepassingsgericht is (vooral de onderzoeks- en ontwerpvaardigheden staan centraal, waarbij wordt geput uit verschillende schoolvakken). NLT en O&O kun je daarom niet aan elkaar gelijk stellen.

Het komt er kort door de bocht op neer dat er meer dan genoeg tijd is om alle vragen te beantwoorden. Er zijn eigenlijk geen studenten die alle tijd nodig hebben, dan wel te weinig tijd hebben. Laat dit je vooral gerust stellen in de voorbereiding en uiteindelijk bij de afname van de toelatingstoetsen.